In Amsterdam-Zuidoost is toestemming gegeven voor een datacenter van het Amerikaanse bedrijf Equinix dat bij volledige ingebruikname jaarlijks ongeveer 1,1 miljard liter drinkwater kan gebruiken voor het koelen van servers. Dat is ruim één procent van de hoeveelheid water die Waternet jaarlijks oppompt. Het complex moet uiteindelijk uit vier torens bestaan. Ook het stroomverbruik is enorm: in de vergunning wordt uitgegaan van ongeveer 779 miljoen kilowattuur per jaar, bij een aansluitvermogen van 80 megawatt. Ter vergelijking: alle Amsterdamse huishoudens samen gebruikten in 2024 ongeveer 869 miljoen kilowattuur.
Juist daarom leidt de goedkeuring tot grote verontwaardiging. Nederland kampt met droogte en de beschikbaarheid van drinkwater staat onder druk, terwijl burgers voortdurend worden aangesproken op hun watergebruik. Mensen krijgen het advies korter te douchen, minder water te gebruiken en bewuster met drinkwater om te gaan. Tegelijkertijd krijgt een commercieel datacenter toestemming om jaarlijks 1,1 miljard liter van datzelfde drinkwater te gebruiken om computerservers te koelen. Bovendien ligt de water-efficiëntie van het project met een WUE-score van 1,690 fors boven de grens van 1 die de datacentersector zichzelf had opgelegd voor gebieden met matige waterschaarste.
Amerikaans bedrijf bouwt datacenter dat 1,1 miljard liter drinkwater gaat verbruiken per jaar
Ook het stroomverbruik maakt de kwestie extra gevoelig. Amsterdam heeft te maken met een overbelast elektriciteitsnet en juist vanwege die beperkte netcapaciteit kan Equinix voorlopig maar één van de vier geplande torens bouwen. De overige drie zijn pas vanaf ongeveer 2035 of 2036 voorzien. Tegelijkertijd moeten in Amstel III duizenden woningen worden gebouwd en waarschuwt de gemeente dat de beperkte capaciteit op het elektriciteitsnet de ontwikkeling van woningen en voorzieningen kan bemoeilijken. Voor burgers en bedrijven klinkt het dan bijzonder wrang dat zij rekening moeten houden met netcongestie en hun verbruik moeten aanpassen, terwijl een datacenter uiteindelijk bijna 800 miljoen kilowattuur per jaar kan gaan gebruiken.
Dat maakt de woede over dit project begrijpelijk. Equinix zegt dat waterkoeling minder elektriciteit kost en dat alternatieve koeltechnieken meer ruimte zouden innemen, waardoor ze niet passen bij het gekozen compacte ontwerp. Het bedrijf zegt bovendien dat zuinig omgaan met drinkwater pas de laatste jaren hoger op de agenda staat en dat het liever afvalwater zou gebruiken als daarvoor een systeem in Amsterdam-Zuidoost beschikbaar was. Maar voor tegenstanders is dat geen overtuigend antwoord: als schaarse Nederlandse grondstoffen als drinkwater en elektriciteit zo zwaar worden belast, rijst de vraag waarom een ontwerp niet wordt aangepast of waarom zo’n datacenter überhaupt op deze plek wordt toegestaan. Zeker omdat Equinix een Amerikaanse multinational is, voelt het voor critici wrang dat een buitenlands commercieel bedrijf gebruikmaakt van schaarse Nederlandse voorzieningen terwijl inwoners juist wordt gevraagd zuiniger te zijn. Dat de gemeente het project na de eerdere aanvraag en vergunningverlening nauwelijks nog kan tegenhouden, maakt de frustratie alleen maar groter.
