Juridische vervolging voor Gerard Joling? ‘Het is niet proportioneel’


 

Tijdens een optreden van Gerard Joling in Boerhaar is een incident ontstaan dat voor veel discussie zorgt. De zanger werd tijdens zijn show geraakt door een beker bier uit het publiek en besloot vervolgens de vermeende dader op het podium te halen. Daar ontstond een confrontatie waarin hij zei: “Wat is de reden dat je dat doet?” en later: “Weet je hoe dat voelt?” waarna de situatie escaleerde en er over en weer werd geduwd en geslagen. Vervolgens moest de beveiliging ingrijpen om het onder controle te krijgen.

Aan tafel bij Shownieuws wordt het incident uitgebreid besproken. Strafpleiter Bram Moszkowicz stelt: “Het is niet proportioneel.” Hij legt uit: “Het zou kunnen, los van het feit dat ik het begrijp. Want ik hou er ook niet van als iemand bier naar me zou gooien. Maar strikt genomen, formeel en juridisch, is dit een vorm van een lichte mishandeling wat hij heeft toegepast op die jongen.” Daarmee wordt gesuggereerd dat het optreden van Joling mogelijk juridische gevolgen kan hebben.


 

Kan Gerard Joling juridisch vervolgd worden?

 

BN’er-kenner Bart Ettekoven ziet vooral de aanleiding van het incident en zegt: “Die jongen begon. Dat is toch zelfverdediging?” Daarmee ontstaat discussie over de vraag of Joling handelde uit emotie of uit noodweer. In de studio wordt benadrukt dat zulke situaties vaak grijs gebied zijn. Zeker wanneer een artiest wordt geconfronteerd met provocatie uit het publiek tijdens een optreden.

Strafrecht-expert Clarice Stenger plaatst het geheel in juridisch perspectief en zegt: “Je ziet een mishandeling, je ziet mogelijk een zelfverdediging. Je ziet niet wat eraan voorafging en de bier die Gerard tegen zijn hoofd gekregen heeft, wat het met hem gedaan heeft, of hij geschrokken is. Je kan het juridisch wel kwalificeren als mishandeling of misschien nog noodweer of noodweer exces. Ja, jongens, dat kan allemaal, maar moeten we het daar in trekken? Dit is gewoon heel irritant gedrag van die jongen geweest vanuit het publiek.”